Het Zelf

Het Zelf is een andere naam voor Bewustzijn. Alles is Bewustzijn.
Bewustzijn ligt ten grondslag aan alle vormen, alle krachten, al het materiële en al het geestelijke, het doordringt alles en iedereen.

Als men willekeurig welk object dan ook zou oplossen, zou alles teruggebracht worden tot moleculen, vervolgens atomen en uiteindelijk sub-atomische deeltjes. Als die sub-atomische deeltjes worden ontbonden, dan zijn er slechts energiegolven zoals ook wetenschappers vorige eeuw ontdekten. Als die energiegolven worden opgelost, dan is er niets anders dan een leegte, een void, de leegte of het Nirwana waar de Boeddhisten het over hebben. Daarom wordt er vaak gezegd dat we niet iets zijn (niets). En dat niets is Bewustzijn. In het Nederlands is er een prachtige term die hiernaar verwijst: Vol- Ledigheid…(Voetnoot)

Er was eens een Meester die les gaf over dit onderwerp toen een student vroeg: “Ik weet echt niet waar U het over heeft. Hoe kan alles Bewustzijn zijn? Hoe kan alle uit niets voortkomen? Dat is logisch gezien niet te begrijpen.” Terwijl de Meester naar een vijgeboom wees zei hij: “Breng me een vijg van die boom.” De leerling ging heen, plukte een vijg en gaf die aan de Meester. De meester zei:” Maak hem open en vertel me wat je ziet.” Toen de student liet weten dat hij alleen zaadjes zag vroeg de Meester hem een van die zaadjes te openen. Dit was een zware klus omdat het zaadje zo klein was. Hij sneed zich een paar keer in de vinger voordat hij er uiteindelijk in slaagde het zaadje open te snijden. De meester vroeg:” Wat zie je nu?” De leerling antwoordde: “Niets, in het zaadje is het hol, er is absoluut niets.” En de Meester zei: “Uit dit niets is het hele universum voortgekomen. In het niets ligt alles opgeslagen.”

Terwijl Boeddhisten het Leegte noemen of Niets, noemen de Hindoes het Brahman. Wanneer mensen over Bewustzijn spreken, worden er veel verschillende namen en woorden gebruikt om DAT aan te duiden wat Bewustzijn is. Een paar voorbeelden: God, Allah, Jehovah, de Uiteindelijke Realiteit, het Absolute, Zuivere Kennis, Zuivere Liefde, Shiva, Arunachala, Hart, Zijn, Gelukzaligheid, Ware ‘Ik’, Volheid, etc. Verschillende tradities hebben hun symbolen om Dat aan te duiden zoals: de Bindu, het centrale punt in yantra’s en mandala’s, het yin yang symbool uit het Taoïsme, het OM symbool uit het Hindoeïsme etc. Al deze woorden en symbolen zijn alleen maar aanwijzingen om DAT te beschrijven wat zich niet laat beschrijven. Vele namen dus voor Eén ondeelbare Realiteit.
Het Zelf wordt aangeduid en gekenmerkt door drie eigenschappen:
• Sat : bestaan, het ‘zijn’
• Chit : bewustzijn of gewaarzijn
• Ananda : gelukzaligheid, liefde die nondualistisch van aard is;

Om enigszins te begrijpen wat Bewustzijn is gebruikte Ramana Maharshi soms de analogie van een film op een bioscoopscherm. Als mensen de bioscoop binnengaan is er slechts een leeg scherm te zien. Zodra de film begint vergeet men totaal het bestaan van dat lege filmscherm omdat de aandacht nu gericht is op de beelden die op het doek verschijnen. Zo ziet men bv. een enorme brand die er de oorzaak van is dat omliggende gebouwen in de rook opgaan, of een storm die vissersschepen verwoest. Het bioscoopscherm echter wordt noch door het vuur, noch door het water aangetast. Waarom? Omdat het bioscoopscherm echt is en de filmbeelden niet. Na de film zijn de beelden verdwenen maar het scherm blijft.
En zo is het ook met het Zelf: alleen DAT (het Zelf) bestaat; de ‘filmbeelden’( d.w.z. gebeurtenissen in ons leven) komen en gaan, maar het Bewustzijn blijft zoals het is. Bewustzijn is het scherm van de Realiteit en al die ‘filmbeelden’ van het hele universum zijn geprojecteerd op het scherm van de Realiteit. Wij vergeten dat alle gebeurtenissen die we doormaken projecties zijn op het scherm van het leven, en dat we in werkelijkheid het scherm zijn, d.w.z. Onveranderlijk Bewustzijn. We zijn gewend onze aandacht alleen te richten op de ‘filmbeelden’ oftewel op de ervaringen, gebeurtenissen en objecten buiten onszelf. Volgens Ramana Maharshi is dat net zoiets als wanneer je, nadat je een getypte brief in handen krijgt, zegt: ‘Ik zie de letters maar niet het papier’. Het is immers het bestaan van het papier wat het bestaan van de letters mogelijk maakt!

Alle grote heiligen hebben ons verteld dat we ons moeten identificeren met Bewustzijn en niet met de vergankelijke gebeurtenissen die in ons leven plaatsvinden; als men leert vasthouden aan het Zelf, dan zullen de ‘filmbeelden’ die telkens verschijnen en ook weer verdwijnen ons niet meer kunnen misleiden. Als we diep in contact zijn met dit onderliggend bewustzijn zal het er niet meer toe doen of die ‘filmbeelden’ komen of gaan. ( Osborne. pag. 11 en 235)
Dit wil echter niet zeggen dat we niet meer in staat zijn om aan onze aardse verplichtingen te voldoen. Ramana maakte wel eens de vergelijking met het leven van een acteur. Hij verkleedt zich, speelt een rol en probeert zich helemaal in die rol in te leven; echter, hij is er zich terdege van bewust dat hij in het ‘echte’ leven niet dat karakter is, maar een volledig andere persoon. Evenzo, het idee: ’Ik-ben-dit-lichaam of: ik ben degene die deze rol in het leven speelt, kan geen stand meer houden wanneer er het zekere weten is dat men niet het lichaam is maar het zuivere, onveranderlijk Bewustzijn, het Zelf.

Bewustzijn is de natuurlijke Zijnstoestand van de mens. Een andere naam daarvoor is Vrede. Wanneer men niet langer geïdentificeerd is met de wereld dan is men DAT, het enige wat altijd is. Zelfrealisatie wil niets anders zeggen dan gewoonweg Zijn wie je bent, wie je altijd geweest bent en altijd zult zijn.